Amsterdam: ‘They let my fiancé die like a dog’


This is a Dutch video on the Schiphol fire.

This is about the Schiphol fire, which ultimately contributed to the fall of the Dutch Balkenende government, and its defeat at the 22 November 2006 elections.

From the Google cache.

Amsterdam: ‘They let my fiancé die like a dog’

Linking: 6 Comments: 11

Date: 10/29/05 at 10:32PM

Mood: Thinking Playing: Who Killed Liddle Towers, by the Angelic Upstarts

Interview (translated) from Dutch daily De Volkskrant, on the fire which killed eleven people at Schiphol, Amsterdam airport:

‘He was treated like a dog’

By our reporter Peter de Graaf

HORST – On Saturday, she saw Vitaliy Khvylovyy (30) for the last time, in the jail where she visited him before he would have been expelled from The Netherlands.

‘Please, come see me soon, he said, we will meet again in Ukraine. Now, he is dead.’

Sobbing, Polish Halina Denis (23) sits in the office of mushroom farm Champibelle in Horst.

On Friday morning, she heard that her Ukrainian friend Vitaliy Khvylovyy (30) had died from the Schiphol jail fire.

‘In January, we would get married. On Wednesday afternoon, he stil called me.

He would be expelled to Ukraïne. …

Last week, on Wednesday evening, Vitaliy was caught during a raid by the Aliens Police in the mushroom farm in Limburg province.

He was not even there to work.

He was looking for his girlfriend Halina, who, however, was still in Poland then.

Champibelle manager Piet Heniger: ‘He just wanted to leave, when the Aliens Police raiders came in.

‘There would not have been any problem, if he would have left one minute earlier.’ …

After the raid, Vitaliy was jailed in Venlo. He had kidney trouble, and asked for a doctor.

But, says Halina, he did not get any medical help.

Last Saturday, Halina visited her boyfiend in jail: ‘We could embrace each other, talk a bit, and there were many tears.’

[After other jails] … on Wednesday, he arrived in Schiphol jail.

‘Nowhere did he get any medical help’, Halina tells, crying

‘If a doctor would have seen him, then by now he would have been in some hospital.

They treated him like a dog.

But he was not a criminal.

He was from a poor family and wanted to earn money here for his family.’

[Only after days passed, the authorities confirmed his death. Heniger says]: ‘Halina was working, picking mushrooms.

With her friend Monika, I told her that Vitaliy died. That was extremely emotional.

These two really loved each other.’

Halina, mother of three children and divorcing, sees her world break down.

Her friends and colleagues need too hug and comfort her all the time.

They are furious because of the situation in the jail.

‘So few jailers, so many prisoners’, Anna Koziej says angrily.

‘Those jailers also supposed the fire was a joke.’

Vitaliy was a good, cheerful, hard working, and sensitive man, Halina tells.

She got to know him at the mushroom farm.

‘My children already called him daddy.’

Colleague Ola: ‘He always had a laugh on his face, he was full of jokes and pranks.’

5 thoughts on “Amsterdam: ‘They let my fiancé die like a dog’

  1. Pingback: Dutch ‘model’ corporation exploits Czech workers | Dear Kitty. Some blog

  2. Pingback: Ferguson solidarity in Britain | Dear Kitty. Some blog

  3. Pingback: Poet Benjamin Zephaniah on British general election | Dear Kitty. Some blog

  4. Pingback: European Union deal will harm most Ukrainians | Dear Kitty. Some blog

  5. Artikel over de herdenkingsbijeenkomst slachtoffers Schipholbrand 1
    november Amsterdam.

    http://www.dewaarheid.nu/

    Is het weer oorlog?

    Door Bert Bakkenes

    AMSTERDAM, 2 november 2005 – Soms komt het voor dat je iets niet van
    plan bent, en dan komt het er door een bepaalde gebeurtenis toch
    van. Zo ging het dinsdagavond.

    Ik was eigenlijk niet van plan om naar de herdenkingsbijeenkomst
    voor de slachtoffers van de brand vorige week in het uitzetcentrum
    op Schiphol te gaan. Niet dat ik me niet betrokken voelde, maar ik
    had al twee lange dagen achter de rug, en eigenlijk wilde ik gewoon
    naar huis. Maar toch kwam ik op die plek, een kerk in hartje
    Amsterdam, terecht, dankzij een politieactie in een trein bij het
    Muiderpoortstation waardoor alle treinen richting het oosten stil
    stonden. Omdat ik er niets voor voelde urenlang door CS te lopen,
    besloot ik toch maar naar de bijeenkomst in de Spuistraat te gaan.
    Toen ik naar binnenging was het al vrij druk, en de media was
    prominent aanwezig. De reden was al snel duidelijk. Er waren
    familieleden van de slachtoffers en overlevenden aanwezig. Dat vindt
    de pers natuurlijk prachtig. Maar goed, de vele camera’s, microfoons
    aan lange stelen en de flitsende lampen waren vergeten toen de
    bijeenkomst van start ging.

    De verhalen van de familieleden waren hartverscheurend. Sommige
    hadden hun geliefde nog, anderen hadden alles verloren. Verloren in
    een paar minuten in de stinkende onveilige cellen van de uitzetbajes
    Schiphol. Hoe iemand ondanks het verlies toch de kracht vindt om
    achter een microfoon te gaan staan is iets wat je tot het diepste
    van je ziel raakt. De verhalen waren erg persoonlijk, natuurlijk. Zo
    hoort het ook. Er waren verhalen van heldenmoed, van verwarring, van
    pijn en een schreeuw om begrip. En vooral een eis tot verandering.
    Aan het begin van de avond had een van de organisatoren gezegd dat
    het geen politieke bijeenkomst was, dat we hier waren om de
    slachtoffers te herdenken, om de 11 mannen die omkwamen een gezicht
    te geven. Dat gebeurde ook, maar het was tegelijkertijd de meest
    politieke bijeenkomst die ik in jaren heb meegemaakt. Want door alle
    verhalen, belevenissen en gedeelde tranen heen kwam een enorme
    aanklacht naar voren: het Nederlandse asielbeleid is een dodelijk
    beleid. Meestal maakt dit beleid slachtoffers in de verre landen
    waarheen mensen worden uitgestuurd, soms doormiddel van
    wanhoopsdaden van asielzoekers ergens in het land. Nu zijn 11 mensen
    in één keer dood, niet kilometers ver weg, maar op Schiphol, vlakbij
    onze eigen Amsterdam. Ja, het is een dodelijk beleid, dat bleek uit
    al de verhalen van betrokkenen die lijden onder het onbegrip, de
    afwijzing, de onverschilligheid. En vooral onder de hardheid van een
    overheid die geen enkele menselijke trek meer heeft. Steeds opnieuw
    werd er gevraagd: “Hoe heeft dit kunnen gebeuren?”, “Hoe kunnen we
    voorkomen dat het weer gebeurt?” en “Hoe kunnen we dit dodelijke
    beleid, en de verharding in de samenleving veranderen?”

    Vragen waren er te over, maar helaas geen antwoorden. Er sprak
    warmte uit de pleidooien, maar ik wist maar al te goed dat in de
    koude wereld buiten het gebouw deze pleidooien op het graniet van de
    overheid en de onverschilligheid in de maatschappij, ingebracht door
    die zelfde overheid, in duizenden stukken uit elkaar zouden vallen.
    Tegen het einde van de bijeenkomst kwamen er nog wat politici hun
    mening geven en medeleven betonen. Namen zijn in deze niet
    belangrijk, en ze zijn ook uitwisselbaar. Een enkele uitzondering
    daargelaten. Zo’n uitzondering was de woordvoerder van het FNV uit
    Rotterdam die zijn angsten en woede over wat er van Nederland is
    geworden uitdrukte in een paar regels van het John Lennon
    lied “Imagine”. Wat hij zei kwam recht uit het hart, en dat was bij
    de anderen minder het geval. Bij de woordvoerder van de PvdA was het
    zelfs helemaal afwezig. Zo ging het programma langzaam ten einde.
    Maar allen die er bij waren zullen niet snel de verhalen en de
    wanhoop van de familieleden vergeten.

    Ook namen velen het bedrukkende gevoel mee dat Nederland steeds meer
    op de rand van de afgrond balanceert. Geregeerd door harteloze
    leugenaars, omringd door politie, veiligheidswaanzin en een totaal
    gebrek aan solidariteit maken dat de toekomst een onzekere zaak is
    geworden. Niet alleen voor mensen zonder de juiste papieren, maar
    voor ons allemaal. En zelfs nu neemt de harteloosheid geen einde. De
    namen van de slachtoffers van de brand zijn nog steeds niet bekend
    gemaakt, tenzij dit wordt gedaan door familieleden, vrienden of
    steungroepen. De overheid wil niet dat haar slachtoffers een gezicht
    krijgen. Een van de slachtoffers, een Turkse Kurd die de naam Kemal
    Sahin droeg, zat pas een paar dagen op Schiphol nadat hij was
    gearresteerd toen hij zijn stempelplicht nakwam. Een andere man die
    in de vuurzee stierf hoorde helemaal niet in het uitzetcentrum. Hij
    had een geldig paspoort, alleen was hij het document even vergeten
    toen hij ging winkelen. Voor Verdonk en trawanten was dat genoeg om
    de man het land uit te zetten. Zo ver is het niet gekomen. Een
    minuut van vergeetachtigheid is de man fataal geworden. Er waren ook
    andere verhalen; over overlevenden die in handboeien werden
    afgevoerd nadat ze hun lotgenoten in de vuurzee hadden zien sterven.
    Een man die al vijf dagen in een isoleercel zit. Ook hij was maar
    net in leven gebleven. Ondanks alles ziet de Nederlandse overheid
    deze mensen nog steeds als criminelen die moeten worden opgesloten,
    geboeid, afgesloten van de buitenwereld. De politici, die waren
    komen opdagen, allemaal tweede garnituur, wisten het mooi te
    vertellen. Er moet nazorg komen voor de getraumatiseerde mensen,
    zeiden ze. Maar het bleven lege woorden. Niet een van deze druiloren
    richtte zich tot de families en beloofde daadwerkelijk iets te doen.
    Niemand riep op tot het ontslag van Verdonk, de
    hoofdverantwoordelijke in deze ramp. In het Nederland van 2005 mogen
    bewindslieden liegen, bedriegen, de wet overtreden en mensen levend
    laten verbranden zonder dat het ook maar hun positie voor een
    seconde in gevaar brengt. Maar hoe zit het dan met de rechtsstaat?
    Misschien bestaat er nog een stukje van. Ergens in een stoffig
    hoekje waar de harteloze oplichters, waar het kabinet Balkenende zo
    rijk aan is, nog net niet zijn geweest. Voor vluchtelingen en
    asielzoekers, voor mensen zonder papieren bestaat die rechtsstaat al
    lang niet meer. Binnenkort zullen we allemaal in diezelfde positie
    zitten. Het is immers bijna al zover.

    Na afloop buiten kwam ik een kennis tegen die met een paar vrienden
    de bijeenkomst had bezocht. Ze hadden geen goed woord over voor de
    politieke miskleunen die het woord hadden gevoerd. Het hele gevoel
    van de avond werd nog het best verwoord door een vriendin van mijn
    kennis. “Ik heb het gevoel dat we weer in oorlog zijn.” zei ze. “Ik
    herinner me de verhalen van mijn oma. Misschien is het verkeerd om
    deze parallel te trekken. Maar toen kon een stempel je het leven
    kosten. Dat is nu weer zo. Ik weet het zeker, we zijn weer in
    oorlog.” Ik kon haar alleen maar gelijk geven en zeggen dat we
    ondanks alles de strijd moeten voortzetten. Nu meer dan ooit. Maar
    haar woorden gaven het enige echte beeld van Nederland 2005, gezien
    vanuit de Spuistraat in Amsterdam op een donkere dinsdagavond in
    november.

    Like

Leave a Reply

Fill in your details below or click an icon to log in:

WordPress.com Logo

You are commenting using your WordPress.com account. Log Out /  Change )

Google photo

You are commenting using your Google account. Log Out /  Change )

Twitter picture

You are commenting using your Twitter account. Log Out /  Change )

Facebook photo

You are commenting using your Facebook account. Log Out /  Change )

Connecting to %s

This site uses Akismet to reduce spam. Learn how your comment data is processed.